Almere is een aantrekkelijke stad om in te wonen, werken en verblijven. De openbare ruimte speelt hierin een belangrijke rol. Wij willen de stad zo beheren dat het aansluit op de behoefte van haar gebruikers en effectief investeren in de verschillende vormen van onderhoud.
Dit eerste deel van de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen is bedoeld om een beeld te geven van de staat van onze openbare ruimte. Deze bestaat uit alle wegen, het groen en de bomen, de speelvoorzieningen, het water, de bruggen en de openbare verlichting. Eerst wordt iets meer gezegd over de vastgestelde beleidskaders die we hanteren en de vastgestelde beheerniveaus. Daarna staan we stil bij de financiële ontwikkelingen op het gebied van beheer en onderhoud. Ten slotte wordt een toelichting gegeven op de staat van de openbare ruimte.
Voor een totaaloverzicht van de lasten en baten per activiteit wordt verwezen naar het programma Openbare ruimte. Op de gemeentelijke website is meer informatie te vinden over de projecten die we in 2025 zullen uitvoeren.
Beleidskaders
In 2021 is de Visie openbare ruimte vastgesteld. Deze visie beschrijft de grootste uitdagingen bij het beheer van de stad. Hierbij wordt aangegeven dat we bij het beheer altijd eerst de risico’s beperken. Het bestaande beheerbudget is hard nodig om de stad schoon, heel en veilig te houden. Waar mogelijk kijken we ook of de openbare ruimte duurzamer, leefbaarder, gezonder, groener, blauwer en verkeersveiliger gemaakt kan worden. Begin 2022 is ook het Strategisch assetmanagementplan aan de raad voorgelegd, waarin wordt ingegaan op de budgetten die in de toekomst nodig zijn om onze visie op de openbare ruimte te realiseren.
De Visie openbare ruimte vormt de kapstok voor beleidskaders zoals het Speelbeleid, het Waterplan, het Bomenkader en het Beleidskader grootschalig onderhoud woonwijken en bedrijventerreinen. In deze beleidskaders wordt de overkoepelende visie uitgewerkt voor de verschillende onderdelen van onze openbare ruimte. In de tweede helft van 2024 worden de uitgangspunten voor het beheer van groen, civiele infrastructuur en riolering aan de raad voorgesteld. Daarnaast wordt gewerkt aan het actualiseren van het Bomenkader naar aanleiding van de uitkomsten van de in 2024 uitgevoerde evaluatie.
De beleidskaders zijn weer verder uitgewerkt in beheerplannen op meer uitvoerend niveau. Die worden binnen de kaders van het college uitgewerkt door de beheerorganisatie en meegenomen in diverse onderliggende ambtelijke processen en contractvormen. Al deze documenten vormen samen het Beleidshuis beheer openbare ruimte, dat de basis vormt voor al onze beheeractiviteiten.
Vastgestelde beheerniveaus
De gemeenteraad heeft met de rapportage Bestuursopdracht Beheer (2015) vastgesteld op welk beeldkwaliteitsniveau het onderhoud in de stad wordt uitgevoerd. Met het Strategisch asset managementplan van begin 2022 zijn deze beeldkwaliteitsniveaus opnieuw onder de aandacht gebracht. Deze niveaus verschillen per element van de openbare ruimte en per functiegebied. In grote lijnen geldt dat hoofdinfrastructuur en woongebieden gemiddeld op B-niveau (basis) worden onderhouden. Voor bedrijventerreinen en buitengebieden wordt gemiddeld beeldkwaliteitsniveau C (laag) aangehouden. In het kader van de gemeentebrede bezuinigingsopgave zal het beheerniveau van onderdelen van de openbare ruimte waarschijnlijk naar beneden worden bijgesteld, maar op hoofdlijnen blijven de hierboven beschreven gemiddelde beheerniveaus gehandhaafd. Voor centrumgebieden is besloten om te besparen op het beheerniveau, waardoor het eerder aangehouden A-niveau (hoge kwaliteit) niet langer kan worden gehandhaafd en het gemiddelde beheerniveau tussen A en B-niveau uitkomt.
Financiën groot onderhoud en vervangingen
Na jaren van diverse bezuinigingen op het beheer van onze openbare ruimte, is in de Programmabegroting 2024 afgesproken om het budget voor groot onderhoud en vervangingen van de openbare ruimte stapsgewijs te laten groeien. Hiermee is opvolging gegeven aan de aanbevelingen uit het Strategisch asset managementplan.
De beoogde groei van het beheerbudget is mogelijk doordat we het geld voor vervangingsinvesteringen voortaan niet in één keer betalen maar gespreid over de hele gebruiksduur. Hoeveel geld de komende 10 jaar nodig is per onderdeel van de openbare ruimte laten we voortaan elke programmabegroting zien in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. Dit hebben we in de Programmabegroting 2024 voor het eerst gedaan. Onderstaande tabel geeft de daadwerkelijke kosten weer. In de gemeentebegroting geldt dat de kosten van vervangingsinvesteringen niet in een keer worden afbetaald, maar worden gespreid over de periode dat de investeringen meegaan.
bedragen x € 1 miljoen
onderdeel openbare ruimte | 2024 | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 | 2032 |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Groen | 2,3 | 2,4 | 2,4 | 2,4 | 2,4 | 1,3 | 1,3 | 1,3 | 1,3 |
Spelen | 1,2 | 1,6 | 1,8 | 2,0 | 2,2 | 2,2 | 2,2 | 2,2 | 2,2 |
Verharding | 7,9 | 11,6 | 9,8 | 4,8* | 5,0* | 5,3* | 5,3* | 5,3* | 5,3* |
Bruggen | 3,2 | 3,9 | 4,2 | 4,1 | 4,1 | 4,1 | 4,1 | 4,1 | 4,1 |
OVL en VRI | 2,6 | 2,5 | 2,2 | 3,2 | 3,4 | 2,4 | 4,6 | 3,9 | 4,9 |
Water | 0,8 | 1,0 | 1,3 | 1,4 | 1,2 | 1,3 | 1,5 | 1,8 | 1,8 |
Wijken en bedrijventerreinen | 4,4 | 5,5 | 9,3 | 12,8 | 15,5 | 18,2 | 20,9 | 22,3 | 23,6 |
Totaal | 22,4 | 28,5 | 31,0 | 30,7 | 33,8 | 34,8 | 39,9 | 40,9 | 43,2 |
Voor verharding valt op dat voor de jaren 2024, 2025 en 2026 relatief veel budget begroot staat en voor de jaren daarna minder. Bij deze begroting is ervoor gekozen om geld vrij te maken voor het groot onderhoud waarvan zeker is dat het in deze raadsperiode moet worden uitgevoerd. Voor de jaren daarna verwachten we dat het huidige budget hier niet toereikend voor is. Er zijn voor nu nog teveel onzekerheden om al de begroting te kunnen bijstellen. De toekomstige kosten voor het asfaltbeheer worden nader uitgezocht en berekend in het Strategisch assetmanagementplan, dat we begin 2026 aan de raad willen aanbieden.
Het budget voor groot onderhoud en vervangingen zal de komende jaren dus stapsgewijs toenemen om de ouder wordende openbare ruimte te kunnen blijven beheren. Hier staat tegenover dat in het kader van de bezuinigingsopgave waarschijnlijk wordt bezuinigd op planmatig onderhoud. Dit zijn werkzaamheden die jaarlijks terugkeren, zoals het maaien van gras. Zo wordt het beheerniveau van het groen in de stadscentra verlaagd, wordt blauwalg in Almere Haven niet langer afgevangen met schermen en zal het groenonderhoud in de toekomst op een andere manier en met een financiële taakstelling worden.
Staat van de openbare ruimte
Onderhoudsstaat van het groen en de speelgelegenheden
Voor de bomen en bossen in onze openbare ruimte geldt dat we met een inhaalslag bezig zijn om deze op het afgesproken onderhoudsniveau te krijgen. De basis hiervoor vormen gerichte inspecties die we nu structureel uitvoeren. Voor de jaren 2024 tot en met 2028 is dan ook extra onderhoud nodig om de bomen en bossen op het juiste niveau te krijgen.
Het vervangen van beplanting moet op termijn worden opgevangen binnen het grootschalig onderhoud van woonwijken. De komende jaren is echter nog extra geld nodig om de beplanting in wijken op niveau te krijgen. Tegelijk maken we de beplanting meer (bio)divers, zodat wijken beter toegerust zijn op het veranderende klimaat en minder gevoelig zijn voor ziektes en plagen.
Hoewel het voor deze levende assets relatief moeilijk is om vooruit te kijken, gaan we er vanuit dat de onderhoudskosten van het huidige areaal na deze inhaalslagen vanaf 2029 weer iets omlaag kunnen. Met dien verstande dat ziektes en plagen altijd op de loer liggen. Vooral de aanpak van invasieve exoten, zoals de Japanse duizendknoop en Hemelbomen, vergt een structurele aanpak waarin op dit moment nog niet is voorzien. Daarnaast kan het laten zakken van de onderhoudsniveaus in het kader van de bezuinigingen gaan betekenen dat er mogelijk sneller een vervanging noodzakelijk is.
Voor het beheer van speelgelegenheden is een integrale aanpak met bijbehorende integrale budgetten nodig. Aan dit laatste ontbreekt het nog, waardoor de aanpak op dit moment volledig uit het speelbeheerbudget betaald moet worden. Dit leidt ertoe dat vaak alleen het hoogstnoodzakelijke onderhoud wordt gedaan en dus tot achteruitgang in de kwaliteit van speel- en beweegelementen. Hiermee neemt het risico toe dat alsnog onvoorziene ingrepen moeten worden gedaan om de veiligheid te kunnen waarborgen. De komende jaren wordt stapsgewijs toegewerkt naar een integraal budget voor de speel- en beweegplekken in Almere. Daarbij komt dat de komende jaren veel speelplekken tegelijk aan onderhoud nodig zijn. Dit maakt het noodzakelijk is om het onderhoud uit te smeren over een langere tijd.
Staat van de infrastructuur
Wegen en bruggen zijn relatief dure kapitaalgoederen, waarbij reparaties en vervangingen vaak gepaard gaan met hoge kosten. Tegelijkertijd is achterstallig onderhoud niet altijd direct zichtbaar bij deze assets en vaak pas merkbaar op het moment dat de veiligheid in het geding komt. En dan zijn de herstelkosten meteen fors hoger.
De afgelopen jaren lag de focus noodgedwongen te veel op de achterstanden, waardoor onvoldoende in beeld was welk onderhoud nodig was richting toekomst. Voor de komende jaren is extra geld vrijgemaakt voor planmatig onderhoud van asfalt en bruggen en voor groot onderhoud aan de Gooimeerdijk. Hiermee kan worden voorkomen dat achterstanden met betrekking tot het asfaltonderhoud nog verder toenemen en kan de blik langzaam naar voren worden gericht.
Waar het groot onderhoud in de afgelopen jaren van krapte nog wel iets vooruitgeschoven leek te kunnen worden zonder directe veiligheidsconsequenties, zien we dat de komende jaren wel echt grootschalig aanpak noodzakelijk is. Alleen zo kunnen onveilige situaties en uiteindelijk noodzakelijke afsluiten worden voorkomen. Hoeveel groot onderhoud in de jaren na 2026 nodig is, is op dit moment nog moeilijk in te schatten. In 2024 is in beeld gebracht wat de staat van de wegen en bruggen is en welke omvang de toekomstige onderhoudsopgave heeft. In 2025 wordt op basis daarvan uitgerekend hoeveel geld nodig is. Dit wordt betrokken bij het nieuwe Strategisch assetmanagementplan, dat we begin 2026 aan de raad willen aanbieden.
Staat van de openbare verlichting en de verkeersregelinstallaties
Het beheer van de openbare verlichting en verkeersregelinstallaties is behoorlijk goed op orde. De groot onderhouds- en vervangingsopgave is goed in beeld en het budget zat de afgelopen jaren al op het benodigde volume. De voornaamste opgave is het verduurzamen van de verlichting. Stapsgewijs wordt overgegaan op ledverlichting en wordt de verlichting steeds ´slimmer´ gemaakt. Daarnaast wordt op sommige plaatsen gekozen voor diervriendelijke verlichting. In het kader van de bezuinigingsopgave is besloten om openbare verlichting minder vaak te herstellen, waardoor lantaarnpalen er in de praktijk meer roest zullen vertonen en zullen ze langer scheef staan voor ze worden hersteld. We zullen openbare verlichting wel vervangen als het tot onveilige situaties of gevoelens kan leiden.
Staat van het oppervlaktewater in de openbare ruimte
Voor wat betreft het beheer van het oppervlaktewater in Almere zijn er nog veel onzekerheden. Waar we voor andere objectengroepen al behoorlijk tot goed in beeld hebben wat de staat is en welke onderhoudsopgave er ligt, moet voor het oppervlaktewater eerst goed worden geïnspecteerd. De afgelopen jaren is gefocust op achterstallig baggeren en overdracht van wateren naar het waterschap. Dit is een inspanning die zichzelf terugbetaald, doordat het waterschap in het vervolg de beheertaken overneemt. Momenteel wordt uitgewerkt hoeveel werkzaamheden, zoals baggeren of repareren van beschoeiing, nodig zijn voor onze kleinere wateren. Voor het beheer van water gerelateerde objecten zoals steigers, sluizen en stuwen geldt eenzelfde soort opgave. Voor deze recreatievoorzieningen wordt onderzocht of het onderhoud (mee)gefinancierd kan worden door bijvoorbeeld de invoering van een vaarvignet. Blauwalgbestrijding en maaien van waterplanten zijn sterk weersafhankelijk, waardoor de kosten jaarlijks kunnen variëren.
Staat van de wijken en bedrijventerreinen
Voor wat betreft het grootschalig onderhoud van woonwijken en bedrijventerreinen staan we voor een flinke uitdaging. Enerzijds geldt dat in de oudste delen van Almere voor het eerst grootschalige vervanging van het vuilwaterriool nodig is. Hier moet de rioolvervanging, de ophoging van de buurt en het bovengronds grootschalig onderhoud worden gecombineerd. Iets wat we nog niet eerder hebben gedaan, wat nieuwe expertise en processen vereist en wat uitgebreide voorbereiding noodzakelijk maakt. Hier komt nog een toenemende noodzaak bij om wijken bestand te maken tegen wateroverlast, droogte en hittestress. En dan staan we ook nog voor een energietransitie. Hiermee zijn er steeds meer afhankelijkheden waarmee binnen de beheerprogrammering rekening moet worden gehouden.
Door deze veelheid aan opgaven, de financiële krapte binnen het beheerbudget van de afgelopen jaren en het soms nog ontbreken van benodigde ambtelijke expertise zijn we achter op schema geraakt. Als gevolg hiervan krijgen we veel extra meldingen van bewoners, moeten extra kosten worden gemaakt voor tussentijdse reparaties en gaat de staat van bedrijventerreinen en woonbuurten verder achteruit. De komende jaren moet stap voor stap het tempo van het grootschalig onderhoud van woonwijken en bedrijventerreinen worden verhoogd. Volgens de huidige planning gaan we elk jaar 1 of 2 grootschalige onderhoudsprojecten starten om de openbare ruimte in goede staat te houden. Dit kost niet alleen veel geld, maar vereist ook veel personele inzet, zowel binnen de beheerorganisatie als bij onze aannemers.
Anderzijds staan we voor een andere insteek van het tussentijds grootschalig onderhoud. Tot dusver werden Almeerse wijken niet alleen gelijktijdig met de rioolvervanging grootschalig onderhouden, maar ook op een moment ongeveer halverwege de levensduur van het vuilwaterriool. Dit doen we nu bijvoorbeeld in De Regenboogbuurt en in Muziekwijk Zuid. Door het ouder worden van de stad en de veelheid aan grootschalig onderhoudsprojecten die de komende jaren op het programma staan, zal dit in de toekomst waarschijnlijk niet meer in die mate mogelijk zijn. Met het vaststellen van het Beleidskader grootschalig onderhoud aan het einde van 2021 is besloten om de onderhoudsbeurt halverwege de levensduur voortaan gerichter te doen. Dit betekent dat alleen de meest urgente delen van de wijk nog kunnen worden opgehoogd en heringericht.